woensdag 29 november 2006

Sigi is the best!


Al klinkt dit misschien een beetje melig, maar eigenlijk, als ik heel eerlijk ben: het is wel ERG lang geleden dat ik nog zo gelachen heb om een boek. Ik ben erg blij dat ik de reeds twee verschenen bundelingen over "Sigi", die maandelijks van de hand van Jan Simoen in de ID verschijnen, in huis heb. Zo hoefde ik na het eerste boekje niet meteen af te kicken. Sigi is, laten we zeggen: een puberversie van wat Duupje was (of nog steeds is? Wie oh wie wil me dit melden?) voor mensen die het vijfde en zesde leerjaar bevolken. Hij staat voor de immense taak om pubers uit het eerste middelbaar wat verstrooiing te brengen, en Sigi doet dit met absolute verve! De streken die hij uithaalt zijn h i l a r i s c h! Zonder dat ze echter onnozel worden. Zo kun je in het tweede boekje een tip krijgen voor "klieren met tipp - ex" (en dan heb ik het niet over de tipp-ex muisjes die de winkelrekken zo overvloedig bevolken, nee, het goeie ouwerwetse "verfflesje" (Mijn leraar Nederlands ooit tegen mij: "wat scheelt er? Schilder geworden? Wanneer ik weer eens met mijn flesje en borsteltje in mijn schrift Nederlands had gekleddert.) Want ja, ooit, lang geleden, was Nederlands een paar jaar een vak dat ik hartsgrondig haatte. Maar hierover meer wanneer ik zielig wil doen.)
Sigi: (...) "Ik heb ooit eens een flesje tipp-ex in een leeg doosje Frisk willen overgieten... " Tijdens de les, welteverstaan, want daar is niets aan. Het enige geschikte moment om les te geven is dinsdag, van welgeteld 10.29 uur tot 10.30 uur. Al de andere dagen (Hmm, maar daar zit wel iets in, vooral als je moegetergde student bent, denk ik zo, al wil ik die arme leerkrachten die aan dat gebroed dan les moeten geven, niet de kost geven!:-)), hebben ALTIJD wel IETS waardoor Sigi en de zijnen vinden dat je het als leerkracht NIET kunt maken om les te geven. Allen daarheen! Een geel boekje, en een blauw boekje, uitgegeven bij Altiora in Averbode, en voor wie ID leest: elke maand ("sjansaars!") een avontuur van Sigi!

Sigi 1:ISBN 90-317-1963-3 (2003)
Sigi 2: ISBN 90-317-2140-9 (2004)
Beiden uitgegeven bij Altiora, Averbode

zondag 26 november 2006

De trein, richting G.

In mijn rugzak, wanneer ik op eender welke trein stap, zit altijd, altijd een boek. Soms iets dat al jaren oud is, soms iets nieuws. Alleen kijken, naar voorbijflitsende landschappen is niets voor mij. In mijn rugzak, gisteren, zit "Sigi" van Jan Simoen. Ik vrees dat veel mensen in mijn coupé moeten gedacht hebben: "wat heeft die?" Ik zit bij momenten gewoon hardop te lachen, met Sigi, en met wat die arme puber allemaal doormaakt. En hoe Sigi beschreven wordt. Heerlijk! Sigi is snel, zeer snel, en hij leest heerlijk weg.

vrijdag 24 november 2006

Een rugzak vol / Gerda Van Erkel

Kristin's broer Lars, is dood. Hoe dat komt, kom je met stukjes en brokjes te weten. Om zijn dood te verwerken (of is het voor zichzelf?) gaat ze op huttentocht in de Oostenrijkse bergen. Ze stapt hele dagen, van hut naar hut. Ze leert mensen kennen, en stukje bij beetje leert ze hen beter kennen, en komt het verdriet waar ze zo lang mee worstelde, boven, in de vorm van tranen. Dit boek is prachtig. Het gaat over vriendschap en loslaten. Je leert de Oostenrijkse bergen kennen, en kunt als het ware meekijken over Kristin's schouder, hoe ze worstelt, maar ondanks alles doorzet. Het einde van het boek is me een ietsje te vlug afgewerkt. Floeps, en het is afgelopen. Je ziet adembenemende landschappen, ook zonder foto's. De personages zijn echt, met kleine en grote kantjes, maar je merkt dat ze vooral vrienden zijn voor elkaar. De bergen smeden banden, en dat merk je hier echt. Heerlijk!

Klein minpuntje: De cover toont een meisje waarvan je niet weet wie dit is. Kristin is dit in geen geval: dit meisje heeft lang haar, en Kristin niet. Ze is bovendien blond, als ik goed gelezen heb.


Een rugzak vol / Gerda Van Erkel.- Leuven : Davidsfons/Infodok, 2006.- 155p.- ISBN: 90 5908 206 0

donderdag 23 november 2006

Geween en tandengeknars, naar alle waarschijnlijkheid

Ik denk. Ik denk erover, wanneer ik weer bulk van "leestijd" voor mezelf, om mijn hele boekenkast, volgens mijn prachtige alfabetische opstelling, opnieuw te gaan lezen, zonder uitzondering. Lijkt me leuk. Waarschijnlijk ga ik boeken lezen die ik vroeger erg goed vond, en waar ik nu niets meer aan vind. Of misschien vind ik (hopelijk zijn dat er veel!) boeken van vroeger nog steeds prachtig. Dat zou ook kunnen. Waarschijnlijk komen er dan ook fijne herinneringen boven. Die ik dan wanneer dat of een ander boek aan bod komt, graag deel.

zaterdag 18 november 2006

Kleren kopen

Dat is wat ik min of meer gepland had vandaag. Dus kwam ik thuis, met in mijn tas: vijf boeken. Drie paar sokken, en gekleurd knutselpapier. Ik vond dat de Sint voor mij mocht komen. En niet met kleding.

vrijdag 17 november 2006

winnaars KJVGent uit 2005

Op 7 april 2005 maakte KJVGent zijn winnaars bekend!


De winnaars

Gisteren zijn op het slotfeest onze plaatselijke winnaars bekendgemaakt. Hier zijn ze nog eens op een rijtje:

Groep 1
1. Net op tijd van Bart Demyttenaere
2. Meneer Papier is verscheurd van Elvis Peeters
3. Prins Arthur en prinses Leilah van Béa Deru-Renard

Groep 2
1. Paveltje van Linda Van Mieghem
2. Mies is raar van Brigitte Minne
3. Muis wil geen luis van Leen Van Opstal

Groep 3
1. De wereld van Camillo van Mieke Vanpol
2. Heksenketel van Guy Didelez
3. Het gebroken masker van Hilde Vandermeeren

Groep 4
1. Voor altijd bij jou van Karla Stoefs
2. De achterblijvers van Lydia Verbeeck
3. Ben ik dom? van Ludo Enckels

Groep 5
1. Na het licht van Johan Vandevelde
2. De heks van Axel van Hedwig van de Velde
3. Prinses van de steppe van Anne Rutyne

Groep 6
1. Lopen voor je leven van Els Beerten
2. Engel in rood van Gerda van Erkel
3. Sandor/Ida van Sara Kadefors

Voor de echte, nationale winnaars is het wachten tot 22 mei. Wie weet wint jouw favoriete boek uiteindelijk toch nog - of net niet...

woensdag 8 november 2006

De jongen in de gestreepte pyjama

Berlijn, 1943. Bruno (9 jaar) merkt dat Maria, het dienstmeisje, zijn koffer aan het pakken is, en aan de spullen achter zijn kast zit, die waar niemand mag aankomen. Blijkt dat Bruno samen met zijn zus Gretel, moeder, en vader, die een belangrijke functie ergens anders moet gaan vervullen, gaat verhuizen naar de plaats waar zijn vader die belangrijke functie moet gaan vervullen. Die plaats heet Oudwis, en daar kom je als lezer even later achter. Iedereen moet Bruno’s vader nu met "Kolonel" aanspreken. In Berlijn waren er veel kinderen waar Bruno mee kon spelen, en in Oudwis niet. Of lijkt dat alleen maar zo? Het huis waarin de familie samen met de huishoudsters woont, staat aan de andere kant van een groot hek, waarachter het krioelt van de mensen, soms ook kinderen. Soms komen er vanachter het hek, mensen in huis helpen. Maar waarom Bruno niet achter het hek mag komen, dat snapt hij niet. "Omdat dit geen mensen zijn" verwoordt Gretel, die twaalf is. Het zijn Joden. En wij zijn geen Joden. Ze zegt wat ze dan wel zijn, en als volwassen lezer zul je dit ook wel weten, maar dit verhaal wordt ECHT gezien door de ogen van een negenjarig naïef jongetje. En dit maakt het boek heel aangrijpend, heel echt ook. NIETS wordt verwoord op niveau van volwassenen, het blijft op kindermaat, en toch weet je als lezer wat er zich afspeelt, en wat Bruno’s vader uitvoert. Bruno wil weten wat er achter het hek gebeurd, en hij leert "een jongen in een gestreepte pyjama" kennen. Waarom dragen al deze mensen achter het hek deze kleren? Is het daar gezellig? Wat doen ze daar? Waarom ziet Shmuel er zo ziek en mager uit? Tussen deze twee jongens groeit een vriendschap, één die niet zonder gevolgen blijft…
Die gevolgen zijn gruwelijk, maar ze passen in dit boek, en hoe dit negenjarige personage wordt uitgewerkt. Als naïef, maar nooit onnozel kind in de wereld van de volwassenen.

De jongen in de gestreepte pyjama / John Boyne.- Amsterdam : Arena, 2006

De wereld van Wolf en Lam

Wolf en Lam, dat zijn vrienden! Vrienden waarvan je niet verwacht dat zij nu net vrienden zijn. Maar het zijn hele goeie vrienden. Vrienden die elkaar helpen, wanneer het waait, bijvoorbeeld, ze houden elkaar vast, zodat ze niet wegwaaien. Of ze missen elkaar. Dan denkt Lam bijvoorbeeld: de dag is heel gewoon begonnen, ik ben opgestaan, het is al licht, ... en toch ontbreekt er iets! Ik heb Wolf de hele dag nog niet gezien! De kraai, die vindt de vriendschap tussen Wolf en Lam ook maar vreemd. Misschien is Wolf wel een beetje een watje, dattie Lam als vriend heeft.
Mooi boek, die eigenlijk niet op het wezen van het "dier- zijn" focust, maar eerder de filosofische kant bewandelt. Er wordt gepraat, Wolf en Lam zijn lief voor elkaar (cfr: "Fijn dat het zo regent, hé, Wolf?" "Waarom? Vraagt Wolf." "Dan schrijf jij zulke lieve dingen". De eenvoud in dit boek is prachtig, je gaat er de hele tijd om glimlachen. Dit boek doet (alweer, maar dat is erg positief, dit keer.) denken aan de dierenverhalen van Toon Tellegen, en wat mij betreft zeker ook (en dit is ook een beetje gericht op dezelfde leeftijd, laten we zeggen een 4+), de verhalen van Kikker en Pad van Arnold Lobel.

De wereld van Wolf en Lam / Ben Kuipers ; illustraties van Ingrid Godon.- Amsterdam: Leopold, 2001.- 67p.- ill.- ISBN: 90-2584061-2

Mijn tweede huid

Anton groeit op, in het veilige nest dat zijn ouders in stand weten te houden. Hij groeit ook letterlijk op, waarbij je alle fasen van baby tot afgestudeerde student aan de universiteit mooi kunt volgen. Als baby groeit hij op tussen de beschermende armen van ooms, tantes, en ma en pa. Als hij naar de middelbare school gaat, leert hij Willem kennen. Tussen hem en Willem groeit een liefdesband, die nooit expleciet naar voor komt, het is gewoon zo, zonder opgestoken vinger of wat dan ook. Antons ouders vinden het heel gewoon dat Willem blijft slapen, en er komen ook geen vragen aan bod. Al worstelt Anton wel met zijn gevoelens, maar wie doet dat niet in een verliefdheid? Is het wederzijds (hier wel)? Of juist niet? Ben ik tevreden met mezelf? Of vind ik mijn lijf amper terug, in veel te wijde kleding? Ben ik niet te rustig? Heel mooi boek, in alle opzichten, maar vooral omdat het het eerste boek is, dat ik las, en nog dikwijls zal herlezen, dat ECHT gewoon doet over homoseksualiteit. Het IS gewoon, al hebben Antons ouders misschien niet echt door dat hun zoon holebi is. Of ook wel, dat komt hier niet bovendrijven. Nu, wanneer er in Antons leven iets dramatisch gebeurt, staat zijn leven in één klap op losse schroeven. "Het zal moeten slijten, jongen", zegt zijn vader hem.

Mijn tweede huid /Erwin Mortier . - Amsterdam : Meulenhoff 2000. - 3e druk. - 192 p.- ISBN 90 290 6723 3 - 16+

maandag 6 november 2006

Ik wou dat ik een pop was





Pros zit elke dag voor zijn huisje. Niemand in het dorp weet precies hoe oud Pros is. Maar Pros is er wel altijd. Hij denkt vaak aan vroeger, en aan Annie, die op de foto op de kast staat, en die hij zijn hele leven lief had. Dan praat hij met haar. Omdat op straat niemand Pros groet. Pros verzucht: "Ik wou dat ik een pop was, dan zagen de mensen mij tenminste, nu hangen ze maar voor hun televisie..."

Heel mooi, teder en gevoelig verhaal, over een oude man, en misschien ook wel over dingen die voorbij zijn. Met een dosis maatschappijkritiek, en dat is goed gedoseert. Je leeft mee met Pros, die het jammer vindt dat niemand hem op straat groet. Hij heeft alleen nog "achterfamilie". Een achternicht bijvoorbeeld. Je merkt dat Pros alleen is, maar toch is dit boek alles behalve zielig. Het enige wat je krijgt is een dag uit het leven van Pros en ook wel een dag uit het leven van Annie. Want zij is er voor Pros nog, al weet hij dat ze er ook NIET meer is. Mooie dingen gelezen trouwens: "Samen met zijn pijp, dooft hij de wereld, tot de volgende morgen" of "Ik ben doof geworden door de bomen. Dat is mijn straf. Ik heb ze niet horen schreeuwen toen ik in de zagerij werkte".
De prenten in dit boek lijken een eigen verhaal te vertellen, af en toe. Zo loopt er op bijna elke prent wel een kat in het huis van Albert, terwijl er van haar in de tekst geen sprake is. Ook de poppenkastpop aan Pros' hand komt niet als dusdanig voor in de tekst, alleen de titel komt even terug.
Het lettertype in dit boek is verschrikkelijk slecht leesbaar, en steekt gauw tegen. Gelukkig dat het verhaal wel heel mooi is, en dat is minstens zo belangrijk. De tekeningen komen mij af en toe over als vegen op papier, terwijl ze toch een bepaald soort intimiteit uitstralen, die ook in de tekst vervat zit. Knap!

Ik wou dat ik een pop was / Wally De Doncker; illustraties van Harmen van Straten.- Leuven: Davidsfonds, 2002.- 28p.: ill.- ISBN 90-5908-036-X

Brieven aan Doornroosje


Iedereen kent wellicht het sprookje van Doornroosje, de prinses, voor wie voorspeld was dat ze zich op haar zestiende verjaardag zou prikken aan een spinnenwiel, en daarop zou sterven. De twaalfde fee, die zich verscholen heeft achter het gordijn in de koninklijke eetzaal van het kasteel, temidden van alle genodigden, kan de vloek van de 13e, niet uitgenodigde boze fee, niet ongedaan maken, maar kan er wel voor zorgen dat Doornroosje niet zal sterven, maar honderd jaar zal slapen. Hierop laat de koning alle spinnenwielen in het land verbranden, … (etcetera…). De betoverde slaap kan alleen verbroken worden door de Kus van de ware liefde. Tot zover de inleiding op “Brieven aan Doornroosje”. In deze – laten we het maar “bundel” noemen – lezen we het verhaal van de prins, die Doornroosje zal komen wakker kussen, na haar slaap van honderd jaar, in de zolderkamer van het kasteel, dat omgeven is door rozenheggen, en die ondoordingbaar zijn. De prins zal een heel jaar onderweg zijn, en wat je te lezen krijgt, zijn brieven. Brieven die de prins schrijft aan Doornroosje. Is de prins wel zo dapper? Of is hij klein, en heel onzelfzeker? Twijfelt hij wel eens aan zichzelf? Het antwoord op beide vragen is klaar en duidelijk: JA. En geen beetje. Maar of de prins Doornroosje uiteindelijk zal wakker kussen, laat ik jullie zelf ontdekken in dit vuistdikke, maar prachtige boek. Voor elke dag van het jaar (en ’t is geen schrikkeljaar) één brief.Laat je meeslepen door landschappen, donkere bossen, woestijnen, en de gevoelens van de prins.

Brieven aan Doornroosje / Toon Tellegen.- Amsterdam : Querido, 2002.- 367 bladzijden.- ISBN: 90 214 8455 2 - 16+